Aan de vooravond van de verkiezingen van 2017 is er grote belangstelling voor de rechtszitting bij “Het hof van het Maximale gelijk”. Tijdens deze rechtszitting staat de vraag centraal of “de Nederlandse identiteit” bestaat. Dat het onderwerp leeft blijkt niet alleen uit de debatten tijdens de verkiezingsstrijd, maar ook uit de opkomst deze avond. De rechtszaal is tot de laatste stoel gevuld met een diversiteit aan mensen, die benieuwd zijn naar het antwoord op deze vraag, omdat het thema hun rechtstreeks raakt.

In deze tweede editie van het Talk-Theater nemen Shantie Singh en Munish Ramlal als pleitbezorgers het Nederlanderschap onder de loep. Wie hoort erbij en wie valt erbuiten?  Wie wordt er uitgesloten op basis van de vrijheidsprincipes en dè Nederlandse identiteit.Tijdens de pleidooien van beide advocaten, die getuigen oproepen om verklaringen af te leggen, wordt je geraakt door de herkenbaarheid in de verhalen. Verhalen die verteld worden vanuit ervaringsdeskundigheid met beide thema’s. Het ontroert en zet tot denken aan. Tegelijkertijd is het een verademing om te zien hoe met humor, creativiteit en kunst een maatschappelijk beladen thema als “de Nederlandse identiteit” voor het voetlicht wordt gebracht.

Talk Theater is wat mij betreft hét antwoord op de wijze waarop het maatschappelijk debat rondom “de normen en waarden en identiteit van Nederland” kan worden gevoerd. In plaats vanuit populisme, waarbij zaken eenzijdig worden belicht, gevoelens van angst en woede worden vergroot en er niet naar elkaar wordt geluisterd, laten we ervaringsdeskundigen aan het woord.  Een ervaringsdeskundige deelt het insiders perspectief, dat per definitie vanuit het snijvlak van meerdere invalshoeken ergens naar kijkt. Via deze ervaringsdeskundigen is het mogelijk om te komen tot een gemeenschappelijke taal waarin we elkaar begrijpen. Door naar hen te luisteren kunnen we leren om de dialoog aan te gaan.

Een dialoog die noodzakelijk is om te kunnen omgaan met de spanningen die het begrip identiteit heden ten dage met zich meebrengt. Wanneer ben je genoeg geïntegreerd? Wanneer ben je Nederlander genoeg? Verschillen worden heden ten dage uitvergroot. De schoonheid van de dromen waarmee de eerste generatie migranten naar Nederland kwam is vervlogen. Het welkom vervangen door angst en haat. Kinderen zijn hun toekomst en men wilde dat zij opgroeiden in een land waar liefde en tolerantie overheerst. Ondanks dat de tweede generatie vaak goed geïntegreerd is, voelt zij zich echter steeds meer vervreemd en ontheemd in Nederland. Er wordt hen een identiteit toegedicht door de ander, die maakt dat deze generatie zelf niet meer weet wie ze is en niet kan worden wie ze zijn. De Nederlandse identiteit is steeds meer iets geworden waarbij de ander in een keurslijf wordt geduwd en vrijheden worden vastgelegd, waardoor identiteit als iets vaststaands wordt gezien.

Alle getuigen deskundigen gehoord hebbend heeft de rechter uitspraak gedaan over de vraag of dè Nederlandse identiteit bestaat. Hij concludeert dat het debat rondom identiteit steeds harder wordt. De politiek zoekt het antwoord in woorden als invechten, normaal doen en rot maar op. Toch ziet de rechter mogelijkheden om het begrip identiteit een tweede kans te geven. Hiervoor zijn creatievelingen nodig, die de rol van de dialoog oppakken en angst in de kiem smoren. Kunstenaars zijn nodig, die de schoonheid van ware identiteit als een mozaïek in elkaar laten vloeien of via de taal van muziek je laten luisteren naar de lyrics. Voorbij de woorden is de onderstroom hoorbaar, waarin iedereen zich gehoord en gezien voelt. Een onderstroom die uitnodigt tot dansen en harten doet opengaan.

Er zijn leiders nodig die verbinding willen maken tussen de gapende kloof van Wij en Zij. Leiders die samen willen bouwen aan de Nederlandse identiteit en deze wil onderhouden. Dit leiderschap zit in een ieder van ons. We zijn allemaal in staat om onze toekomst te scheppen en een thuis te creëren op een gedeelde basis van vrijheid en recht. We hoeven niet ver te reizen om de wereld waar we in leven met andere ogen bezien. Vrede, geweldloosheid, respect begint niet bij de ander, het zit in jezelf. Wij zijn allemaal leiders die deze kracht kunnen aanboren, zolang we de wil hebben om te werken aan een thema dat nooit af is.